
Intercollegiaal overleg is misschien wel de meest onderschatte nascholingsvorm die we hebben. Je zit niet te luisteren naar een specialist die zijn favoriete onderwerp uitdiept. Je brengt zelf een casus in, eentje waar je wakker van ligt, en bespreekt die met collega’s. We spraken met Yvette Schlotter, Specialist Dermatologie en Diplomate ECVD, die al meerdere keren intercollegiaal overleg over dermatologie bij gezelschapsdieren begeleidde.
Wat is jouw rol bij deze overleggen?
“Ik heb vooral een begeleidende rol. Degene die de casus aandraagt, legt die voor aan de groep en de dierenartsen bespreken samen de opwerking en behandelingsmogelijkheden. Ik probeer op de achtergrond te blijven en spring in als het spaak loopt of als de groep te lang blijft hangen in details. Dat doe ik dan vooral door vragen te stellen of aan te geven wat meer of minder waarschijnlijk is.”
Wat maakt intercollegiaal overleg zo anders dan andere nascholingsvormen?
“Intercollegiaal overleg is uniek. Je zit niet alleen te luisteren, je gaat samen aan de slag met casuïstiek die iedereen herkent uit de eigen praktijk. Je neemt veel meer mee dan tijdens een lezing, waarbij de specialist het onderwerp kiest en mensen over het algemeen minder graag vragen stellen. Hier breng jij de patiënt in. Soms besteden we een heel uur aan één patiënt en komen alle aspecten van de opwerking aan bod, omdat andere deelnemers ook weer vragen stellen. Je doet het echt samen.”

Hoe zorg je ervoor dat iedereen zich vrij voelt om zich uit te spreken?
“Mijn ervaring is dat dit meestal heel ontspannen verloopt. Ik besteed altijd tijd aan een voorstelrondje en focus me op interactie. Als begeleider kun je veel betekenen voor mensen die zich meer op de achtergrond houden. Door ze erbij te trekken en gericht vragen te stellen leveren ook zij hun waardevolle input. Dat heeft meestal tot gevolg dat er een open, gezellige sfeer ontstaat waarin iedereen betrokken is en naar elkaar luistert. Er is vrijwel altijd sprake van herkenning, en daardoor draagt iedereen bij.”
Kun je een voorbeeld geven van wat zo’n overleg concreet oplevert?
“Bij de complexe, soms frustrerende patiënten is gezamenlijk bespreken goud waard. Het geeft een nieuwe boost en enthousiasme. We besteden bijvoorbeeld ook aandacht aan de communicatie met de eigenaar van de chronische dermatologische patiënt. Begrip van de eigenaar over de achtergrond van de aandoening, de prognose en de behandelingsmogelijkheden is heel belangrijk, zeker omdat de eigenaar een intensieve rol blijft spelen in de behandeling. Dat soort dingen komt in een standaard nascholing veel minder aan bod.”
Voor wie is intercollegiaal overleg volgens jou het meest waardevol?
“Voor jongere dierenartsen kan het enorm veel betekenen. We zien veel jonge collega’s de praktijk verlaten binnen de eerste vijf jaar, en een belangrijke oorzaak daarvoor is vermoedelijk stress: onzekerheid, het gevoel je te moeten aanpassen aan de gangbare manier van werken, zowel medisch als in de communicatie. Intercollegiaal overleg ondersteunt ze op beide vlakken.
Maar het mooiste is een gemengde groep. Oudere en jongere dierenartsen vullen elkaar prachtig aan. Jongere dierenartsen stellen vaak vragen waardoor oudere collega’s denken: waarom doe ik dit eigenlijk al tien jaar zo? En de oudere dierenartsen brengen weer een heleboel praktische ervaring mee. Er is voor iedereen altijd iets te leren.”
“Oudere en jongere dierenartsen vullen elkaar mooi aan.“
Wat levert het begeleiden van deze overleggen jou als specialist op?
“Dit is de enige nascholingsvorm waarbij je zo direct betrokken bent bij de deelnemers. Normaal geef je een lezing die over het algemeen weinig interactief is. Maar bij intercollegiaal overleg ben je eigenlijk zelf ook een deelnemer, met alleen een andere functie. Ik kan in gesprek gaan met dierenartsen uit de eerste lijn, hoor wat de echte problemen zijn en heb direct persoonlijk contact met de collega’s van wie ik normaal alleen het dossier doorneem. Dat is waardevol. Als specialist kun je pas écht waarde toevoegen als je je kunt inleven in wat er in de praktijk speelt.”
Wat zou je zeggen tegen een dierenarts die twijfelt?
“Doe gewoon eens mee zodat je zelf kunt ervaren hoe leuk en waardevol het is. Je hebt zelden de mogelijkheid om iets zo uitgebreid uit te diepen met collega’s. Het is uniek, laagdrempelig en gezellig. En je neemt altijd iets mee, of het nu gaat over de communicatie naar de eigenaar, de opwerking of een nieuw inzicht. De onderwerpen worden gestuurd door de interesses van de deelnemers zelf. Het is echt van jullie.”
“Doe gewoon eens mee zodat je zelf kunt ervaren hoe leuk en waardevol het is!“
Bewezen effect
Dat intercollegiaal overleg werkt, blijkt ook uit onderzoek. Isaura Wayop promoveerde onlangs op verantwoord antibioticagebruik in de veehouderij. Binnen haar project was intercollegiaal overleg tussen dierenartsen één van de succesfactoren: praktijkervaringen werden gedeeld, casussen besproken en dat leidde tot meer kennis, bewustwording en een aantoonbare verandering in werkwijze. Op de probleembedrijven daalde het antibioticagebruik met bijna 50%. Dat zegt genoeg.
Zelf aan de slag?
Nieuwsgierig geworden? Op de website van Dactari vind je meer informatie over hoe je een eigen intercollegiale overleggroep kunt opstarten: Intercollegiaal overleg en leerlijn – Dactari


