donderdag 12 maart 2026

Grijze zeehond betrokken bij verwondingen dolfijnen

Beeld: Lonneke Ijseldijk (rechts) en Linde van Schalkwijk onderzoeken een aangespoelde dolfijn – Jelle Boontje

In de wateren rond Nederland en het Verenigd Koninkrijk leven verschillende soorten zeezoogdieren naast elkaar. Nieuw onderzoek van onder andere Lonneke IJsseldijk laat zien dat grijze zeehonden daarbij niet alleen interacties hebben met bruinvissen, maar ook betrokken kunnen zijn bij verwondingen bij dolfijnen. Bij vier gestrande dieren werden letsels gevonden die passen bij zeehondenbeten.

Vier gestrande dolfijnen, één patroon

Op 12 februari verscheen in Diseases of Aquatic Organisms een studie waarin vier gestrande dolfijnen uit Nederland en het Verenigd Koninkrijk worden beschreven. Het ging om een tuimelaar, een gewone dolfijn en twee witsnuitdolfijnen. Alle dieren werden uitgebreid postmortaal onderzocht.

Bij alle vier werden huidletsels gezien die qua vorm en locatie passen bij beten van grijze zeehonden. Het betrof punctiewonden en parallelle krassen, onder meer op de staartsteel, vinnen en kop. De afstand tussen de perforaties kwam overeen met het gebit van een zeehond. Histologisch was er duidelijke weefselreactie zichtbaar. Dat betekent dat de verwondingen niet vlak voor overlijden zijn ontstaan, maar dagen tot weken eerder. De dieren hebben de ontmoeting dus overleefd.

De doodsoorzaak lag niet in het trauma

Geen van de vier dolfijnen overleed direct aan de verwondingen. Uiteindelijk stierven de dieren aan ernstige bacteriële infecties. Daarbij werden onder meer Brucella cetiMorganella morganiiStreptococcus phocae en Atopobacter phocaeaangetoond.

In enkele gevallen ging het om bacteriën die bekend zijn uit zeehonden. Dat maakt het aannemelijk dat een bijtwond een toegangspoort kan hebben gevormd voor een systemische infectie. Tegelijkertijd waren sommige dieren al in verminderde conditie. Oorzaak en gevolg laten zich daardoor niet altijd eenvoudig scheiden. Was trauma het startpunt van de infectie, of waren de dieren al kwetsbaar en daardoor vatbaarder voor zowel interactie als ziekte? Het onderzoek laat zien hoe complex die afweging kan zijn.

Meer dan alleen bruinvissen

Tot nu toe waren goed onderbouwde gevallen van zeehondenaanvallen vooral bekend bij bruinvissen. Deze studie breidt dat beeld uit naar andere tandwalvissen. Er werden geen grote, acute mutilaties gevonden zoals bij bewezen predatie. De auteurs suggereren daarom eerder opportunistische interacties dan gerichte jacht.

De populatie grijze zeehonden is de afgelopen decennia sterk toegenomen langs de Europese kusten. Met meer dieren neemt ook de kans op ontmoetingen met andere zeezoogdieren toe. De precieze aanleiding voor dit soort interacties blijft vooralsnog onduidelijk.

Het belang van zorgvuldig strandingsonderzoek

Volgens Lonneke IJsseldijk onderstreept deze studie vooral hoe waardevol goed gecoördineerd strandingsonderzoek is. Door gegevens uit verschillende landen te bundelen ontstaat een consistenter beeld van wat zich in de Noordzee afspeelt.

Zonder histologie en microbiologie blijft het verhaal onvolledig. Juist de combinatie van macroscopie, weefselonderzoek en bacteriologie maakte in deze casussen duidelijk dat het uiteindelijke overlijden samenhing met infectieuze processen.

Dit moet je lezen

Meest gelezen