dinsdag 19 mei 2026

Meningioom bij de kat: chirurgie loont vaker dan je denkt

Beeld: collega veterinaire professionals aan het werk in de operatiekamer – Nano Banana/Canva

Een nieuwe studie van de Universiteit Utrecht laat zien dat katten met een meningioom na chirurgie verrassend goed kunnen doen. De overlevingstijden overtreffen eerdere publicaties. Reden genoeg om deze optie vaker bespreekbaar te maken.

Meest voorkomende hersentumortype

Meningioom is de meest voorkomende primaire hersentumor bij de kat, goed voor zo’n 58% van alle intracraniale neoplasieën. De tumor groeit langzaam, ontstaat vanuit de arachnoïdale cellen en ligt buiten het hersenweefsel zelf. Vooral oudere katten worden getroffen, met een mediane leeftijd rond de 12 jaar. Bij de Europese korthaar lijkt het wat vaker voor te komen dan bij andere rassen.

Klinische verschijnselen zijn divers: ataxie, lethargie, cirkelen, blindheid of epileptische aanvallen. Een herkenbaar beeld, maar niet altijd meteen als meningioom geduid.

Wat laat het Utrechtse onderzoek zien?

Van Heusden en collega’s keken retrospectief naar 17 katten die tussen 2012 en 2025 in Utrecht een craniotomie of craniectomie ondergingen voor een histologisch bevestigd meningioom.

De geschatte mediane overlevingstijd bedroeg 1674 dagen; ruim vier en een half jaar. Na drie jaar was nog 82% in leven, na vier jaar 72%. Katten die de eerste vier weken overleefden deden het nog beter: hun mediane ziektevrije interval lag op 855 dagen. De competing risk analyse laat zien dat het risico op overlijden door de tumor zelf na 1179 dagen niet meer toenam. Katten stierven op de lange termijn vaker aan niet-gerelateerde oorzaken. Bij veel katten was de ingreep dus curatief.

Hoe verhoudt dit zich tot eerder onderzoek?

De resultaten overtreffen wat eerder in de literatuur stond. Cameron et al. kwamen in 2015 met 121 katten uit op een mediane overlevingstijd van 693 tot 1125 dagen. Porsmoguer et al. zaten in 2024 op 881 dagen bij 26 geopereerde katten, maar bevestigden wel hetzelfde patroon: de meeste katten overlijden uiteindelijk aan iets anders dan de tumor.

Tichenor et al. vergeleken in 2024 chirurgie met stereotactische radiotherapie bij 61 katten. De chirurgiegroep haalde een mediane overlevingstijd van 1345 dagen, de radiotherapiegroep 339 dagen. Voor katten waarbij chirurgie niet haalbaar is blijft radiotherapie een serieuze optie, maar de overlevingstijden liggen duidelijk lager.

Koch et al. keken specifiek naar kwaliteit van leven na de ingreep en vroegen eigenaren achteraf of ze opnieuw zouden kiezen voor chirurgie. Alle deelnemende eigenaren zeiden ja.

En de risico’s?

De postoperatieve sterfte binnen vier weken was 17,6%. Drie van de zeventien katten, vergelijkbaar met eerdere studies. Een derde van de patiënten had geen complicaties. Bij iets meer dan de helft waren er lichte complicaties: pijn, tijdelijke blindheid of nieuwe aanvallen. Drie katten kregen ernstige complicaties, alle drie met fatale afloop.

De onderzoekers konden geen voorspellers aanwijzen voor een slechte uitkomst. Tumorgrootte noch de ernst van de klachten bij presentatie maakte significant verschil.

Klinische relevantie

Wat de literatuur, en dit onderzoek in het bijzonder, laat zien is dat vroeg verwijzen bij verdenking op een intracraniale massa loont, en dat chirurgie een serieuze optie verdient in het gesprek met de eigenaar. De overlevingstijden in de verschillende studies lopen uiteen, maar de richting is overal dezelfde. Leeftijd op zich bleek in meerdere studies geen voorspeller voor een slechte uitkomst, al blijft een zorgvuldige beoordeling van de algehele conditie en het anesthesierisico uiteraard de basis. Als de kat de eerste vier weken doorkomt, zijn de vooruitzichten goed. Vaak zelfs uitstekend.

Dit moet je lezen

Meest gelezen