
Op 1 oktober stuurde de minister van Landbouw, Voedselzekerheid en Natuur een brief naar de Tweede Kamer over de toekomst van de diergeneeskundige zorg. Wij hebben ‘m gelezen en halen de belangrijkste punten er voor je uit. Uiteindelijk gaat het ons allemaal aan.
Federatie vanaf juli 2026
Wij schreven eerder al, er komt beweging in onze beroepsgroep. Vanaf 1 juli 2026 starten KNMvD, CPD, Vedias en NVFD samen een federatie. De minister noemt dit “een belangrijke stap om versnippering tegen te gaan en de slagkracht van de sector te vergroten.” Voor ons betekent dit hopelijk minder losse eilandjes en meer duidelijkheid: wie doet wat en waar kunnen we terecht.
Vakbekwaam blijven
De Kamerbrief legt veel nadruk op kwaliteit. Herregistratie, permanente educatie en het op peil houden van onze kennis krijgen meer gewicht. Ook kondigt de minister aan dat er professionele standaarden worden ontwikkeld. Hij schrijft: “Het gaat om standaarden die zowel de professional houvast geven, als de eigenaar inzicht bieden in wat zij mogen verwachten.” Daarbij gaat het specifiek om transparantie richting de eigenaar én spoedzorg.
Werkdruk onder de loep
We weten allemaal hoe hoog de druk in de praktijk kan zijn. In de brief wordt dit eindelijk hardop erkend: “De werkdruk binnen de diergeneeskundige zorg is aanzienlijk en vraagt om structurele oplossingen.” Daarom komt er onderzoek naar de arbeidsmarktpositie van dierenartsen en naar manieren om ons werk beter te organiseren. Voorbeelden die genoemd worden zijn een betere spreiding van diensten, meer inzet van ondersteunend personeel en meer aandacht voor ons welzijn.
Toegankelijkheid en kosten
Een heet hangijzer: de betaalbaarheid van veterinaire zorg. Volgens de minister staat de toegankelijkheid “onder druk door stijgende kosten en beperkte beschikbaarheid van professionals.” Het onderzoek van de ACM naar de prijsvorming in onze sector loopt nog. Afhankelijk van de uitkomst kan zelfs prijsregulering worden overwogen. Dat zou een flinke impact hebben op onze praktijken én ons inkomen.
Wat betekent dit voor ons?
De Kamerbrief laat zien dat er serieuze stappen worden gezet, maar ook dat er veel vragen open blijven. De nieuwe federatie kan een kans zijn om onze stem sterker te laten klinken. De uitkomst van het ACM-onderzoek kan directe impact hebben op onze praktijken, dus dit volgen we met spanning.
In ieder geval is duidelijk dat de minister oog lijkt te hebben voor de druk op onze beroepsgroep en erkent dat er iets moet gebeuren.


