
Soms begint een consult niet in de spreekkamer, maar aan de balie. En soms is het dier waar het om draait niet eens in het land.
Het gebeurt nog weleens dat een eigenaar zelf een afspraak maakt bij ons, en dat het dossier van de verwijzend dierenarts pas later wordt doorgestuurd. Geen probleem, maar soms loopt het daardoor aan het begin wat stroef. Zo ook vandaag.
Een mevrouw komt binnen en verstaat mijn collega aan de balie niet helemaal. De vraag “Wie is uw verwijzend dierenarts?” wordt nogmaals gesteld, dit keer in het Engels. Ze antwoordt, maar haar uitspraak is lastig te plaatsen en haar antwoord lijkt in geen velden of wegen op de gebruikelijke praktijknamen. Dan gaat er bij een andere baliemedewerker een lampje branden: er had pas iemand gemaild vanuit het nabijgelegen asielzoekerscentrum. Een verzoek om langs te mogen komen. Dat centrum biedt officieel plek aan zo’n 600 mensen, maar zit nu – door noodopvang – op zo’n 800. Of daar ook huisdieren verblijven, wist ik tot nu toe eigenlijk niet.
Al snel blijkt dat mijn volgende patiënt helemaal niet aanwezig is. Die zit namelijk nog in Iran. De eigenaresse is hier en zoekt orthopedisch advies over haar hond, een Staffordshire terrier genaamd “Girl”. Ze is opvallend goed voorbereid. Ze heeft digitale röntgenfoto’s bij zich, een verslag van een Iraanse radioloog (gelukkig in het Engels), en een duidelijke uitleg over het verloop van de klachten.
Girl had als pup al kreupelheid links achter. Dat leek te verbeteren met supplementen, massage en rust. Maar nu de hond bij haar familie in Iran woont – en door wat drukke neefjes wordt verzorgd – zijn de klachten terug. De jongens spelen veel wilder met Girl, vertelt ze. En hoewel de hond dat geweldig lijkt te vinden, loopt ze sindsdien weer kreupel.
De beelden laten aanwijzingen zien voor osteochondrose in de tarsus en tekenen van degeneratieve lumbosacraalstenose (DLSS). Ze laat een filmpje zien waarin Girl in een mand ligt. Iemand pakt haar achterpoot en beweegt de linker tarsus; een duidelijke pijnreactie volgt. Dezelfde beweging rechts levert niks op. Ook is te zien dat de linker tarsus verbreed is vergeleken met rechts.
Toch springt Girl nog vrolijk rond en neemt zonder moeite de trap. Een volledige diagnose stellen zonder lichamelijk onderzoek is natuurlijk niet mogelijk. Maar binnen dat voorbehoud konden we wel samen naar de mogelijkheden kijken: wat zou vervolgonderzoek kunnen opleveren, wat zijn behandelopties, wat kan er nu al?
Voor nu heeft ze daarmee voldoende houvast. Ze geeft aan dat er een dierenfysiotherapeut is in de stad waar haar familie woont. Iets wat ik niet meteen had verwacht – maar dat zegt waarschijnlijk meer over mij dan over haar stad van herkomst.
Als orthopeed werk je het liefst op basis van een verwijsbrief, beschikbare beeldvorming én een korte samenvatting van de voorgeschiedenis. Idealiter zie je het dier zelf en kun je een behandelplan opstellen in samenspraak met de eigenaar. In dit geval lag dat anders, maar dankzij de voorbereiding van de eigenaresse was het toch een zinvol consult.
Mogelijk volgt Girl haar baasje nog naar Nederland. En dan zie ik haar misschien alsnog – live en in beweging. Tot die tijd heb ik het gevoel dat we op deze wat onorthodoxe manier toch al iets voor hen hebben kunnen betekenen.


